Skip directly to content

De groeistadia

In 18 jaar tijd maakt het menselijk lichaam een enorme groei door. Die groei gaat niet geleidelijk. Het groeiproces kent verschillende stadia waarin de groei duidelijke pieken vertoont:

De periode in de baarmoeder
In de 9 maanden dat de foetus in de baarmoeder zit, gaat het groeiproces het snelst. In het midden van de zwangerschap groeit de foetus zelfs meer dan 20 millimeter per week.

Babytijd
Vanaf de geboorte tot de leeftijd van één jaar groeit een baby stevig door. Een baby is bij haar of zijn eerste verjaardag gemiddeld de helft langer en weegt meestal twee of drie keer zo veel als bij de geboorte.

Peutertijd
In de peutertijd vertoont de groeisnelheid even een dipje. Groeit een baby in het eerste jaar zo'n 21 cm, rond het derde levensjaar groeit een peuter 'nog maar' 6 cm per jaar.

Kleuter & kindertijd
In de leeftijd van drie tot tien jaar stabiliseert de groeisnelheid en groeit een kind gemiddeld vijf tot zes centimeter per jaar.

Pubertijd
In de pubertijd gaat de groeisnelheid flink omhoog. Een kind kan 10 tot 20 centimeter per jaar groeien. Meisjes krijgen eerder een groeispurt dan jongens. Maar jongens groeien tijdens hun groeispurt sneller en de groeispurt duurt bij hen langer. Hierdoor worden ze gemiddeld toch langer dan meisjes.

Jong volwassene
De eindlengte bij jong volwassenen of adolescenten kan onderling sterk verschillen en is onder meer afhankelijk van erfelijke factoren, zoals de lengte van de ouders. Het komt regelmatig voor dat kinderen die vóór de puberteit relatief klein waren, in de pubertijd een langere groeispurt doormaken en zo toch op hun streeflengte (
rekenprogramma) uitkomen.